Omgaan met elkaar

Ieder mens leeft en werkt in allerlei groepsverbanden. Op onze school is de stamgroep daarbij de belangrijkste groep. Binnen de stamgroep zitten de kinderen in tafelgroepjes (groepjes van ongeveer vier kinderen). In zo’n groepje zitten altijd kinderen van verschillende leeftijd en jongens en meisjes door elkaar. Dit is bedoeld om het elkaar helpen te stimuleren. Ook kunnen op deze manier oudere kinderen zo’n groepje leiden, waar ze het nodige van kunnen leren.

Op andere momenten (in de pauzes, bij speciale activiteiten, bij een viering) hebben ze weer met andere kinderen te maken. Daarom wordt er regelmatig aandacht besteed aan het omgaan met elkaar. Hoe zeg je dingen tegen elkaar? Wat doe je als je vindt dat een ander niet leuk tegen je doet? Hoe ga je om met de spullen van een ander? Wat doe je als je ziet dat een ander gepest wordt? In een kringgesprek wordt regelmatig over dit soort vragen gesproken.

Daarnaast worden er speciale activiteiten georganiseerd (zogenaamde Klasbouwers), die bedoeld zijn om een goed groepsklimaat te creeëren. In een fijne sfeer gedijen kinderen het best en als ze zich veilig voelen leren ze het best.